Kenmerken hoog, hoger, hoogst powerpoint, video

De term hoogbegaafdheid gaat uit van een intelligentie vanaf een IQ van 130. Er is echter een groot verschil in kenmerken en eigenschappen tussen de verschillende hoogtes van het IQ. Ook onder een IQ van 130 zijn er duidelijke kenmerken waaraan je een intelligentieniveau kunt herkennen.

Verdeling jongens -meisjes en beelddenkers -taaldenkers

In principe zijn jongens en meisjes cq. mannen en vrouwen even slim maar ze zijn wel anders slim. Vanwege het feit dat jongens/mannen wat rechtlijniger denken en meer kunnen focussen op een onderwerp vergaren ze in de loop van het proces net iets meer kennis en kunde waardoor hun brein wat gemakkelijker verbanden kan leggen waardoor hun IQ een paar punten hoger oploopt dan bij meisjes/vrouwen met hetzelfde IQ. Het beginpunt van het brein was dan wel hetzelfde terwijl meisjes/vrouwen met een hoge intelligentie niet op een onderwerp heel hoog scoren maar op veel meer gebieden net iets minder hoog scoren. Hun IQ score komt dan lager uit maar hun totale intelligentie is even hoog. Dat zie je echter niet terug in de grafieken. Datzelfde geldt aan de onderzijde, ook daar vallen jongens sneller op door een lage intelligentie omdat meisjes met dezelfde intelligentie hun meer generalistische brein inzetten om de gehele intelligentie op te krikken. De intelligentie van meisjes wordt dus iets meer vlak getrokken omdat het zich over meerdere fronten verdeelt.

Beelddenkers bevinden zich vaker aan de uitersten van de grafiek. Er zijn dus onder de mensen met een laag IQ (70-80) meer beelddenkers (50%) en ook in de hoogste regionen van de IQ range (vanaf 120) vinden we in verhouding meer beelddenkers (70%).

  • 10% van de beelddenkers bevindt zich in de gemiddelde zone
  • 20% van de beelddenkers heeft een laag IQ
  • 70% van de beelddenkers heeft een hoger dan 120 IQ de volgende percentages zijn ongeveer.
    • 120-130: 29%
    • 130-145: 22%
    • 145-160: 13%
    • 160-180: 5%
    • 180+: 1%

Kenmerken 70-80

  • Kunnen niet zelf verbanden leggen (beelddenkers)
  • Kunnen niet automatiseren (taaldenkers)
  • Kunnen feiten moeizaam onthouden
  • Hebben moeite om veel voorkomende instructies eigen te maken
  • Vergeten snel

Kenmerken 80-90

  • Moeite met verbanden leggen (beelddenkers)
  • Moeite met zelf strategie bepalen en oplossingen bedenken
  • Moeite met onthouden van feiten
  • Moeite met automatiseren( taaldenkers)

Kenmerken 90-100

  • Doen er iets langer over om verbanden te leggen (beelddenkers) en te automatiseren (taaldenkers) maar het lukt wel.
  • Kunnen een strategie van een ander uitvoeren en eigen maken.
  • Kunnen feiten onthouden als ze vaak genoeg langs gekomen zijn en er actief een link gelegd wordt.

Kenmerken 100-120

  • Kunnen vlot automatiseren (taaldenkers)
  • Kunnen zelf verbanden leggen (beelddenkers)
  • Kunnen aangeleverde strategieën uitvoeren en met elkaar combineren om nieuwe oplossingen te vinden
  • Kunnen vlot niet-te-ingewikkelde materie begrijpen en toepassen
  • Ingewikkelde materie kan wel begrepen worden maar heeft tijd en interesse nodig
  • Kunnen gemakkelijk feiten onthouden, zonder dat er een duidelijk begrip hoeft te zijn.

Kenmerken 120-130

  • Kunnen zelf creatief denken en niet bestaande oplossingen verzinnen, taaldenkers gebaseerd of bestaande feiten, beelddenkers op basis van geheel nieuwe verbanden tussen onderdelen van feiten.
  • Automatiseren (taaldenkers) en verbanden leggen (beelddenkers) gaan vlot.
  • Kunnen ingewikkelde materie begrijpen maar hebben wel alle stappen nodig om het geheel te begrijpen.
  • Beelddenkers: gevoeligheid gaat een steeds grotere rol spelen in het denkproces.
  • Taaldenkers kunnen steeds gemakkelijker oorzaak-gevolg processen met elkaar in verband brengen
  • Beelddenkers zijn in staat, na begrip, om te automatiseren

Kenmerken 130-145

  • Automatiseren (taaldenkers) en verbanden leggen (beelddenkers) lopen in elkaar over
  • Kunnen ingewikkelde materie zelf invullen en hebben niet alle feiten nodig om tot geheel begrip te komen
  • Het denkproces gaat intuïtief maar alle stappen kunnen teruggehaald worden.
  • Beelddenkers kunnen analyse toevoegen aan hun denkproces

Kenmerken 145-160

  • Het denkproces gaat intuïtief, de gebruikte denkstappen kunnen niet geheel teruggehaald worden maar wel terug beredeneerd worden
  • Beelddenkers: de gevoeligheid gaat een steeds grotere rol spelen in het denkproces
  • Beelddenkers: Door het snelle denkproces wordt taal steeds letterlijker verwerkt
  • Taaldenkers: niet zo’n snel denkproces, wel intuïtief vanuit het oorzaak gevolg denken en een interne feitencheck.
  • Beelddenken en taaldenken gaat steeds meer in elkaar over.

Kenmerken 160-180

  • Het denkproces gaat intuïtief en de gevolgde stappen kunnen niet altijd meer teruggehaald worden
  • Communicatie met anderen is moeizaam, het verwoorden van je gedachten gaat niet snel genoeg, lastig om over te brengen

Kenmerken 180+

  • Volledig intuïtief denkproces
  • Denken en handelen lopen in elkaar over

Disharmonisch profiel

Uit een IQ test komt vaak een disharmonisch profiel. Deze discrepanties in de uitslagen komen voort uit trauma. Trauma dat je in de tijd ervoor hebt opgelopen maar het kan ook trauma uit je ziel zijn. Trauma stapelt zich op totdat het verwerkt wordt. Als je nog onverwerkt trauma meebrengt uit vorige levens kan dat dus effect hebben op jouw ontwikkeling en intelligentie nu. Door dit trauma te herstellen, zowel het huidige als het overgedragen trauma kun je je volle potentie weer ontluiken.

Opgelopen trauma herstellen

Het huidige opgelopen trauma kan hersteld worden door je persoonlijkheidsprofiel in kaart te brengen en vervolgens te gaan ontleden. Waar komt welke eigenschap vandaan, daarbij rekening houdend met de versterkende werking van een hoge(re) intelligentie. Daarna kun je je behoeftes in kaart brengen en kijken waar er niet aan jouw behoefte voldaan is. Dat geeft al een verklaring waar je het trauma opgelopen hebt en kun je een begin maken met jezelf bewust te worden waarom je het trauma opgelopen hebt. Het ligt niet aan jou, het ligt aan het feit dat anderen, die in jouw behoeften hadden moeten voorzien, niet wisten welke behoefte jij had. Daardoor heb jij niet gekregen wat je nodig had. Je kunt loslaten dat het aan jou ligt. Het is wel belangrijk dat de omstandigheden verbeterd worden en aangepast gaan worden aan wat jij nodig hebt. Pas dan kun je volledig herstellen van het opgelopen trauma. Helemaal perfect hoeft het niet te zijn. Als er gedaan wordt wat kan, vanuit de intentie om het goed te doen is het prima. Jij bent ook in staat om je aan te passen en om zelf de omstandigheden naar je hand te zetten. Maar dat moet wel van twee kanten komen. Helemaal precies weten wat je nodig hebt doe je niet, dat zal steeds bijgesteld en aangepast moeten worden naar de veranderende omstandigheden als jij loskomt van je trauma.

Het trauma uit je ziel is lastiger op te lossen. Daarvoor moet je zuiverende energieën inzetten die erkenning geven dat jij trauma hebt opgelopen. Dat kan via:

  • stenen die helende energie afgeven,
  • muziek, maakt niet uit welke, muziek is helend voor de ziel
  • esoterische oliën: rose, sandelwood en patchouli zijn heel geschikt
  • Yoga, tai-chi en Qi-gong. Alle wegduw oefeningen zijn goed, duw daarbij bewust je trauma weg. Visualiseer je trauma als een zwarte bal.
  • een kaars branden met de intentie om je trauma op te lossen

Alleen al de erkenning dat er trauma is kan helpend zijn om je ziel te helen.