Verbindend ouderschap en geweldloos communiceren - het Beelddenkende Brein

Straffen en belonen versus geweldloos communiceren

Taaldenkers denken is oorzaak en gevolg. Voor hen is het duidelijk, en soms noodzakelijk, om te weten welke consequentie volgt op bepaald gedrag. Begrip is daar niet altijd de oplossing. Onze rechtstaat maakt daar gebruik van door te werken met gevangenisstraffen en boetes. De gedachte daarachter is: als de gevolgen maar zwaar genoeg zijn wordt ongewenst gedrag voorkomen. Jonge kinderen worden beloond met stickers en snoepjes om iets gedaan te krijgen en worden naar de ‘naughty chair’ gestuurd als ze iets gedaan hebben dat niet mag. Dat is duidelijk en als je het maar vaak genoeg herhaald weten ze het precies als je begint te tellen dat ze moeten ophouden.

Beelddenkers zijn vaak niet onder de indruk van straffen en belonen. De behoefte om te weten waarom iets niet mag en de autonomie om zelf te bepalen hoe ze iets willen doen is sterker dan de angst voor de straf die zou kunnen volgen. Dat gevolg zit ook niet in hun systeem en zijn ze niet mee bezig. Ze leren niet altijd van hun fouten. Ze leren pas van hun fouten als ze begrijpen waarom het fout was.

Hierbij is dus het leidende informatieverwerkingssysteem, het beelddenken of het taaldenken, bepalend voor de aanpak van de opvoeding en discipline van leerlingen en werknemers. Door hier rekening mee te houden kun je verbindend opvoeden en geweldloos communiceren. Een straf uitdelen, commanderen, is niet geweldloos communiceren. Kijken waarom gedrag er is is veel effectiever.

De-escaleren van gedrag

Op het moment dat iemand helemaal door het lint gaat is niet het juiste moment om boos uit te vallen of om eens precies te zeggen waarom die dit specifieke gedrag niet moet laten zien. Uit laten razen, uit de situatie halen, begrip tonen, kalmeren, tegen je aan houden (niet met collega’s, wel met je kinderen) zijn de eerste reacties die je als ouder of leerkracht zou moeten hebben om een situatie te de-escaleren.

Verbindende communicatie

Een rode draad in de kernopleiding beelddenken is de verbindende communicatie. Communiceren, reageren op gedrag door te kijken naar de oorzaak en de onderliggende behoefte van gedrag om een lange-termijn oplossing te bedenken samen met de persoon die het gedrag laat zien. Het ondertitelen van emoties bij jonge kinderen zorgt ervoor dat ze hun gevoel gaan begrijpen en onder woorden kunnen brengen wat er in hun lijf gebeurt. Gevoel moet er mogen zijn, niet weggestopt worden. Veel volwassen beelddenkers kunnen niet meer bij hun gevoel omdat ze niet geleerd hebben om met hun eigen gevoel, maar ook met het gevoel van een ander, om te gaan.